Vastberaden trapt ze het gaspedaal in, waarna de auto direct het commando opvolgt. Op de display van het navigatiesysteem flikkert de opmerking 'satellieten worden gezocht'. De weg voor haar is net zoals de nacht waar ze doorheen rijdt, zwart en stil. Om de nasmaak van de sigaret, die ze voor het wegrijden nog even rookte, te verdrijven grabbelt ze in haar tas op zoek naar een pepermunt. 

'De route is berekend', deelt een monotone stem mede. Een seconde kijkt ze op het scherm, het geeft exact weer hoeveel kilometers er nog af te leggen zijn. Als ze in dit tempo doorrijdt en geen pauze neemt, is ze met de dageraad op plaats van bestemming. Maar ze moet ten minste één keer stoppen. Met de brandstof die ze nu nog in de tank heeft komt ze niet verder dan Antwerpen. De witte strepen van de weg razen onder haar auto door, hypnotiserend. Ze neemt zich voor bij het tankstation direct via internet een hotel te boeken. Vanuit haar tas hoort ze haar mobiele telefoon overgaan, een sms-bericht. Ze hoeft niet te kijken om te weten wat de tekst is: Welkom in België.

‘Zometeen links rijden’. De Tomtom doet haar opschrikken. Antwerpen ligt voor haar. Zo druk als het in haar hoofd is, zo stil is het op de straten. Hier en daar schijnt lamplicht door de gordijnen. Mensen die de nacht gebruiken als dag of opstaan om naar het werk te gaan. Honderden malen heeft ze in het afgelopen drie kwartier haar besluit om te vertrekken voor zichzelf uitgelegd. Het kon toch zo niet verdergaan? Zij was geen vrouw om de sleur van alledag aan te gaan. Ze wilde actie, leven. Had ze dat niet duidelijk gezegd toen ze Richard ontmoette? Bij het denken aan zijn naam verschijnt een glimlach.

Richard, wat een lieverd was hij toen ze hem leerde kennen. Op een feestje van het werk was ze letterlijk tegen hem aangelopen. Hij was direct onder de indruk van haar, dat had ze gevoeld. De eerste maanden had hun relatie louter bestaan uit afspraakjes doorspekt met intiem genot. Eigenlijk was het de eerste keer dat ze zich zo aan een man had gegeven, zonder schaamte voor de te dikke billen of de buik die duidelijk toonden dat haar jeugd voorbij was. Richard adoreerde haar lichaam. Met vurigheid flakkerde hij haar lust op om, direct na hun postcoïtale slaap, te beginnen aan het volgend voorspel welke soms dagen kon duren.

Pas later, toen de passie had plaatsgemaakt voor liefde en de dagelijkse routine hun in zijn greep kreeg, voelde ze weerstand. Maar was het alleen de gevangenis waarin ze zich plots bevond, die knelde? Wat voor rol speelde haar verleden, haar eerdere relaties? Was zij ooit gewaardeerd om wie ze was? Kon het zijn dat na alle desinteresse die haar voorgaande minnaars na enige tijd toonde, de bezorgdheid van Richard een te grote ommezwaai was? Of de baby? Ach ja, de baby. Wat had ze uitgekeken naar de komst van een kleintje. Ze had met liefde haar leven in een cel doorgebracht om het kind, dat nu eenzaam in een klein graf lag, op te voeden.

Hotel Les Saint-Yves. De naam staat vetgedrukt naast de foto van het onderkomen. Ze klikt de link aan en krijgt foto’s van de slaapkamers op beeld. Een seconde later knippert er een rode ballon. Nog een kamer vrij, leest ze op het scherm. Met haar wijsvinger stuurt ze de muis naar het vakje: boeken. Nadat ze het bedrag met haar Visa-kaart heeft voldaan, ontvangt ze een bevestigingsbericht.

De klok op het dashboard staat op zes uur is. Opnieuw ontvangt ze een sms-bericht dat ze niet bekijkt. Om wakker te blijven wrijft ze met een hand in haar ogen. In haar gedachten doemen beelden op van haar reisdoel. De wachttoren in rood-wit geschilderd. Zeemeeuwen die krijsend overvliegen. Ze herinnert zich het uitzicht vanuit het hotel waar ze eens met haar eerste minnaar was geweest. Een oude werkplaats waarvan het dak bestond uit grote ramen. Elke morgen was ze wakker geworden door koerende duiven die het dak onder poepte tot het leek of er een bus grijze confetti was ontploft. Een troosteloze aanblik in een verder mooie omgeving. Ditmaal heeft ze zich verzekerd dat het panorama haar het zicht zou bieden op de bulderende zee en - met een beetje geluk – de talloze vistentjes opgesteld langs de kade, zoals op elke marktdag.

Kort na het voorbijrijden van het bord Le Tréport, meldt de navigatie: ‘U heeft uw bestemming bereikt.’ Ze beseft dat ze de monotone stem het zwijgen wel op kan leggen. De omgeving is bekend. Na het parkeren van de auto meldt ze zich aan de receptie. Een dame begroet haar enthousiast, alsof ze al jaren vriendinnen zijn terwijl het de eerste keer is dat hun ogen elkaar kruisen. Dan reikt ze naar haar koffer en loopt de trap op naar haar kamer. Tijdens het openen van de gordijnen ziet ze het gewenste vergezicht.