Op mijn werk was het jaren normaal om op je verjaardag toegezongen te worden door collega’s. Vreselijk. Vooral het uitgalmen van: “HOERA!HOERA!HOERA!”, waarbij de rechterarm de lucht in moest, vond ik uiterst gênant.

Trouwens, bij het uittikken van de vorige zin dacht ik ineens vol medegevoel aan Koningin Máxima die na de Troonrede ditzelfde kunstje voor miljoenen toeschouwers moest uitvoeren. Helemaal vreselijk! Maar dit terzijde.
Ook vreselijk, dé vraag die op mijn verjaardag tig keer gesteld wordt: “Hoe oud ben je geworden?” Als ik dan, na het geven van een eerlijk antwoord, niet direct het afgezaagde compliment krijg: “Goh, wat zie je er goed uit”, ga ik direct tobben. Zie ik er ouder uit? Nee toch? En als ik dan eindelijk mijn zelfverzekerdheid weer hervonden heb komt er opnieuw een situatie voorbij die ik liever had overgeslagen. Dit gebeurde gisteravond. Na een etentje ter ere van een verjaardag – niet de mijne – liep ik naar mijn auto. Op straat stond een groepje hangjongeren waarvan één – waarschijnlijk dé lolbroek – riep: “Ik ga met dat ouwe wijf mee!” Echt, ‘t heeft me uren gekost om daar overheen te komen! Vreselijk!

© Sophie Dijkgraaff

Wij maken op deze website gebruik van cookies. Een cookie is een eenvoudig klein bestandje dat met pagina’s van deze website wordt meegestuurd en door uw browser op uw harde schrijf van uw computer wordt opgeslagen.