Enkele weken geleden kwam hij in mijn leven: Meneer Muis. Of was het mevrouw? Geen idee. Om de een of andere onverklaarbare reden lag 'meneer' lekkerder in mijn gehoor, dus hield ik het op een muis van het mannelijk geslacht. Eerst zag ik alleen zijn pootjes die zich vastklemden aan een net ontluikende bloem van mijn Hortensia waarna – plop! – zijn kopje volgde. Het leek op een afbeelding uit een sprookje, muis op zoek naar zonlicht of zoiets.

Tijdens mijn slaap heb ik nachtmerries gehad

Nu is het met muizen net als met kikkers, ik vind ze mooi, maar wel op enige afstand, dus zeker niet als ze rond mijn benen lopen. Gelukkig was op het moment dat Meneer Muis verscheen Max Verstappen aan het racen in Silverstone dus zat ik veilig binnen voor de tv. Tot de wedstrijd stopte. Toen wilde ik toch wel weer naar buiten. Het beloofde een prachtige zomerse avond te worden. Wat te doen? Nog voor ik die vraag had beantwoord zag ik Meneer muis – jakkes! – tegen mijn balkonmuur opklimmen om daarna te verdwijnen achter de schrootjes die mijn balkonplafond opsieren. Opnieuw borrelde de vraag op: wat te doen? Ik besloot het gaatje – wat kunnen die beestjes goed hun buik inhouden, dat zou ik ook wel willen! – waardoor hij weggekropen was te dichten. Kon hij mooi niet meer naar beneden. Had ik niet moeten doen. Tijdens mijn slaap heb ik nachtmerries gehad van een eenzame muis wanhopig op zoek naar een uitgang die er niet meer is. Van een muis die hongerig en in doodsangst tenslotte niets anders meer rest dan aankloppen bij Petrus.
Ik kan u geruststellen. De muis heeft mijn vreselijke actie overleefd. De volgende morgen zag ik Meneer Muis via dezelfde balkonmuur vertrekken naar het bloemperk van de buren. Nog even zag ik hem een lange neus naar me trekken. Of was dat mijn fantasie?

IJsselenLekstreek 4 september 2020

Wij maken op deze website gebruik van cookies. Een cookie is een eenvoudig klein bestandje dat met pagina’s van deze website wordt meegestuurd en door uw browser op uw harde schrijf van uw computer wordt opgeslagen.