Met Nina naast me draaide ik mijn auto het parkeerterrein van de sauna op. We zouden ons die dag eens lekker laten verwennen. Vanuit mijn ooghoek zag ik een klein opstootje. De reden hadden we snel gevonden. Een auto lag met zijn neus in de greppel die twee parkeervakken scheidt. Waarschijnlijk dacht de bestuurder snel het terrein te verlaten door over het vak vóór hem te rijden. Ik zag de brokkenpiloot met een zakdoek zijn voorhoofd deppen. Naar het zich liet aanzien ontving hij goede raad van toekijkende stuurlui.

Terwijl ik het tafereel bekeek vertelde mijn vriendin ook eens zo'n blunder te hebben gemaakt op het parkeerterrein bij de Appie. Daar was alleen geen greppel als scheiding van de parkeervakken maar een stoepband die ze compleet over het hoofd zag. Nog een mazzel dat zij toen met een SUV reed, anders had ze de bodemplaat compleet aan flarden gereden. Nog voor ze klaar was met vertellen ging mijn brein natuurlijk ook op zoek naar een avontuur dat ik kon delen. Nadat het archiefstuk was gevonden beschreef ik een gebeurtenis waar ik geen schuld aan had en achteraf best komisch was.

Op een zomerdag ging ik naar het winkelcentrum, met de auto dus. Bij de ingang van het parkeerterrein trok ik een parkeerkaart. Tot zover niets aan de hand. Met de kaart tussen mijn tanden reed ik stapvoets weg. Toen ging het mis. Nog geen tien centimeter verder moest ik vol in de remmen. Met verbazing keek ik toe hoe door mijn openstaande raam opeens de slagboom ̶ die bestond uit twee gedeeltes die een knik maakten ̶ naar binnen kwam. Voor ik het wist, zat ik beklemd tussen slagboom en stoel … Het angstzweet brak me uit. Paniekerig wilde ik de knop op de kaartjesmachine indrukken, alleen die stond te ver weg. Uren (lees: minuten) zat ik vastgeketend tussen paal en stoel tot er eindelijk een man verscheen. Nog voor ik de situatie aan hem kon uitleggen begon hij te grinniken. 'Dat gebeurt hier wel vaker', vertelde hij lachend. 'Ik ga de bewaking alarmeren, komt goed.' En het kwam goed. Nog geen vijf benauwde minuten later zag ik een bewaker aansnellen om me te redden uit mijn benarde positie.

In de tijd dat ik mijn anekdote met grootse gebaren deelde, zagen we hoe de in de greppel geraakte auto op de weg getrokken werd. De ongeluksvogel schudde zijn redder uitbundig de hand. De menigte week uiteen. Alsof afgesproken klikten Nina en ik onze veiligheidsgordel tegelijk los. Ons dagje sauna stond op het punt van beginnen.

© Sophie Dijkgraaff

Wij maken op deze website gebruik van cookies. Een cookie is een eenvoudig klein bestandje dat met pagina’s van deze website wordt meegestuurd en door uw browser op uw harde schrijf van uw computer wordt opgeslagen.