Omdat het weekeind voor de deur stond, en daarmee veel leesuurtjes, kocht ik afgelopen week weer eens een vrouwenblad. Ik vind het fijn om tussen twee boeken mijn brein te resetten door iets luchtigers te lezen. Doe ik dat niet, dan loop ik de kans dat de personages uit boek één zo doorlopen naar het tweede boek.

Het is vandaag Vaderdag, dus logischerwijs gaat deze column over mijn vader. Waarom ook niet? Ik had tenslotte de leukste vader van Nederland.

Omdat mijn vriendin op vakantie ging, vroeg ze mij haar tuin te verzorgen. Een kleine moeite, overal in de tuin lagen tuinslangen aangesloten op een kraan met tijdklok. Stipt om negen uur 's avonds zou de bloemenborder worden voorzien van een douche. Achteraf verspilde moeite want zoals je weet, het plensde afgelopen week. Zo kwam het dat ik met de auto op stap ging om de aanplant te redden van de verdrinkingsdood.

In de supermarkt belandde ik afgelopen week in een scenario dat ik nooit had kunnen bedenken. Dat kwam zo. 's Avond zou Nina, mijn vriendin, komen eten. Een jarenlange traditie, op dinsdagavond houden we vrouwenavond. De ene week kookt zij, de andere week ik. Enfin, omdat het mijn beurt was liep ik 's morgens naar de supermarkt in mijn buurt. Op mijn lijstje stonden: groenten, gehakt en ijs.

Je kent ze vast wel, quotes die ons erop wijzen dat we vandáág moeten leven. Ze zijn aan mij niet besteed, ik leef graag in de toekomst. Vooral op gure herfstdagen kan ik uitkijken naar een witte winter. Gezellig onder de kerstboom. Op regenachtige lentedagen fleur ik op als meteorologen mooie voorjaarsdagen voorspellen; dagen waarop iedereen weer vrolijk op straat rondstapt, al dan niet in een rokje. De lente is ook een uitstekend seizoen om, als tuinier, plannen te maken voor de toekomstige zomer.

Afgelopen week moest ik naar het ziekenhuis. Al jaren een vertrouwde plek. Tot die woensdag. Direct nadat ik binnenstapte, zag ik dat in enkele maanden tijd de toekomst bezit had genomen van de centralehal. Op de plek van de oude informatiebalie stond een futuristische nieuwe met erachter medewerkers in KLM-blauw. Naast de balie stond een al net zo flitsende koffiecorner en cadeauwinkel, alles opgebouwd uit glimmend witte kunststofplaten. Bij de aanmeldzuil, niet nieuw, hing tussen pamfletten waarop gepasseerde gebeurtenissen werden aangekondigd een A4'tje: MET DIT TICKET KUNT U EEN NUMMER HALEN BIJ DE POLI. DAARNA KUNT U PLAATS NEMEN IN DE WACHTRUIMTE.

De eerste keer dat ik Parijs bezocht was ik een jaar of twintig. Samen met Nina, mijn vriendin, zoefde ik met de trein Gare du Nord binnen. Door het prachtige stationsgebouw in beaux-artsstijl, kwamen we direct in de juiste stemming. Tegenover het station dronken we bij brasserie Terminus onze eerste kop Franse koffie, waarna we op zoek gingen naar een kamer.

Als er één leesteken is dat voor het merendeel ten onpas wordt gebruikt is dat een uitroepteken. Het toepassen van één uitroepteken na de mededeling: van harte gefeliciteerd!, snap ik. De afzender wil extra benadrukken hoe blij hij of zij is met het verjaren van de ontvanger. Het gaat fout als een omroep over het beeld laat rollen: Dit is een herhaling! U kunt niet meer bellen! Nou, nou, denk ik dan, dat was ik heus niet van plan. Dat deze zin voorbijkwam bij een reprise van het tv-programma Meldpunt!, zegt genoeg. Ze zijn daar blijkbaar dol op het leesteken.

Afgelopen week was ik op visite bij Tante Til. Zij was mijn buurvrouw totdat de Alzheimer toesloeg. Nu zit ze in een verpleeghuis waar ze, met wat dementiemagie, elke dag haar 'gewone' leven omtovert tot één groot avonturenverhaal vermengd met een vleugje waarheid.

Toen ik mijn vriend net kende, ruilde hij mijn roepnaam direct in voor de troetelnaam: schat. 'Geef mij het zoutvaatje even aan schat.' Het verkleinwoord van schat gooide hij erin als hij mij bijvoorbeeld wilde troosten. 'Ach, schatje.' Klinkt lief toch? Dat dacht ik ook. Tot ik hoorde dat hij zo'n beetje elke vrouw in zijn leven schat(je) noemde. Direct beval ik hem een andere koosnaam te verzinnen. Ik wil me natuurlijk wel bijzonder voelen.

Wanneer transformeert een haar van 'O, wat mooi', naar 'Jakkes, wat vies'? Een wonderlijke vraag die tijdens het uitruimen van de vaatwasmachine in me opkwam. Gelukkig was mijn vriendin op bezoek, die heeft meestal wel zin in een goed gesprek. Dus gaf ik de kwestie die mijn hersens hadden opgeworpen, door aan haar.

Ik moest even googelen naar de juiste betekenis van Pasen want eerlijk gezegd, ook al ben ik Christelijk opgevoed, ik hussel de betekenis van de feestdagen nog weleens door elkaar. En zeg nu zelf, het Christelijk paasfeest rondom de herrijzenis van Jezus, is gereduceerd tot de feestelijk begroeting van het voorjaar waarbij kilo's chocolade paaseieren en paashazen, paasstollen en door kinderhandjes beschilderde eieren worden verorberd. Alleen het huis versieren met paastakken is een eeuwenoude traditie die voortduurt.

Een paar weken geleden realiseerde ik me dat schrijven al tien jaar mijn passie is. Uniek voor iemand die snel verveeld raakt als ze veel van hetzelfde doet. Nog steeds kan ik uren nadenken over onderwerpen om daarna te stoeien met de woorden die klip-en-klaar zeggen wat ik wil vertellen. Teneinde mijn ogen af en toe schermpauze te geven verzon ik onlangs een nieuwe bezigheid: puzzelen. Nina, mijn vriendin, is al jaren fan van deze activiteit. Fideel bood zij mij één van haar legpuzzels aan om uit te proberen of ik puzzelen echt leuk vond. Het werd een in duizend stukjes verdeeld Engels landschap. Met lekker veel water en lucht, dus lekker veel dezelfde kleuren. Ga er maar aan staan als ongeoefend puzzelaar.

Gisteren las ik een bucketlist van een onbekende. Er stonden allemaal waaghalzerijen op die ik nooit zou durven uitvoeren: parachute springen, diepzeeduiken, abseilen. Onderaan de lijst stond een wens die ik deelde, alleen op vakantie gaan. Als jong volwassene ging mijn vriendin altijd mee op reis. Daarna wisselde het reisgezelschap tussen mijn vriendin of een liefde. Geprikkeld door de wensenlijst dacht ik na over een soloreis naar Griekenland. Lekker slenteren door de straten van Athene. De Akropolis beklimmen of met de veerboot een paar eilanden bezoeken. Ideeën te over.

Het was zondagochtend. Zittend aan mijn werktafel zag ik hoe de zon straalde aan een staalblauwe hemel. Ze verwarmde het bevroren gras en de pas uitgebotte bladeren van de treurwilg. De andere bomen stonden er nog kleurloos bij. Op het internet, waar ik 's morgens altijd even een rondje maak om te lezen wat er zoal gebeurd is tussen het moment van slapengaan en ontwaken, las ik dat deze maartse dag in Zeeland volgens het spreekwoord was begonnen, het sneeuwde.

Afgelopen week veranderde ik al lezend het woord oogsttijd in oorlogstijd. Direct wist ik dat het hoog tijd was om mijn zinnen te verzetten. Gelukkig heeft mijn vriendin altijd zin in een uitstapje, dus samen met haar toog ik naar mijn geboortestad. Op de fiets, want sinds de corona-uitbraak heb ik een hekel aan de metro.

Afgelopen week zat ik 's middags lekker buiten in de zon. Met gesloten ogen hoorde ik het gespetter van water veroorzaakt door vogels die elkaar achter de vodden zaten. Het voorjaar nadert. Dat betekent dat in de vijver, waaraan ik woon, binnenkort weer seksorgies plaatsvinden. Met de woerd als aanvoerder. Die mannen presteren het rustig en plein public in groepjes bovenop één eend te duiken. Arm vrouwtje!

Ben jij ook zo blij dat het coronagezeur na twee jaar gestopt is? Mondkapje op, mondkapje af, wel of geen (booster) prik: 't is allemaal verleden tijd. We mogen weer uit, onze mimiek wordt weer door iedereen gezien en zelfs Carnaval ging afgelopen week, in aangepaste vorm, gewoon door. Halleluja! Zelfs de vraag: hoe lossen we de verdeeldheid in ons land op?, is intussen beantwoord. Dankzij de actie van een op macht beluste man.

Tijdens mijn depri periode, nu alweer een paar jaar geleden, heb ik geleerd dat het goed is een rolmodel te zoeken naar wie je kunt opkijken. Nu ben ik op dit moment niet depri, maar de voorjaarsblues ligt wel op de loer. Hoog tijd om in te grijpen en het rolmodel dat me het afgelopen jaar vergezelde in te ruilen voor een nieuw exemplaar. Maar wie? Het liefst heb ik een persoon die 'selfmade' is. Iemand die met zijn poten in de klei heeft gestaan voordat het succes kwam.

Ben jij ook zo'n type dat een kappersbezoek zolang mogelijk uitstelt? Ik wel. Tot ik op een dag mijn bed uitkom en denk, ja nu moet het toch echt gebeuren. En dan het liefst à la minute. Gelukkig heeft mijn kapster meestal wel een gaatje waar ik net inpas. Zo ook afgelopen dinsdag. 's Morgens belde ik, 's middags kon ik komen.

Wij maken op deze website gebruik van cookies. Een cookie is een eenvoudig klein bestandje dat met pagina’s van deze website wordt meegestuurd en door uw browser op uw harde schrijf van uw computer wordt opgeslagen.