Hoe leit dit kindeke, was altijd het eerste liedje op onze kerst elpee van De Leidse Sleuteltjes, die werd opgezet zodra mijn vader begon aan zijn jaarlijkse klus: de stam van de kerstboom passend maken voor de standaard. Als er vanuit de keuken een minder christelijk woord ons gezang overstemde wisten we, operatie' kerstboom was geslaagd. Het versieren kon beginnen!

Dat ik aan dit familietafereeltje moest denken komt door een winterkoninkje dat elke dag mijn balkon bezoekt. Het gevederde diertje lijkt op het kerstvogeltje dat mijn moeder jaarlijks, met een knijpertje aan zijn fragiele pootjes, als laatste decoratiestuk aan een tak van de kerstboom bevestigde. Veertien dagen mocht hij met zijn glimmende lijfje en 'echte' verenstaart pronken op de beste plek in het groen. Het juweeltje was de kers op de taart. Daaraan voorafgaand werd eerst het snoer met kaarsverlichting, dat hoe netjes ook opgeborgen altijd weer in de knoop zat, in de boom gehangen. Daarna volgde de piek en aansluitend de ballen - van die ouderwetse met glitters -, de slingers en lametta. Bijna direct nadat de naald van de pick-up de tweede kant van de elpee Vrolijk Kerstfeest had verlaten stonden we trots te kijken naar ons versierwerk. Zelfs mijn vader, permanent weggedoken in de krant tijdens ons gefrutsel, was dik tevreden.

Teruglezend lijken de kerstperiodes uit mijn kindertijd idyllisch. Dat was natuurlijk niet zo. Regelmatig was het kerstdiner dat mijn moeder klaarmaakte maar zozo. Ik herinner me nog speciaal die ene keer dat mijn vader een kalkoen kocht als verrassing en zij die moest vullen. Liefde was nergens in het gerecht terug te vinden: het beest was vanbuiten zwart, vanbinnen rauw. Of die keer dat de kerstboom zo slecht in zijn standaard was gezet dat hij bij het minste of geringste dreigde om te vallen. Mijn vader loste dat als volgt op: in de dichtstbijzijnde muur sloeg hij een spijker, waaraan hij de boom vastzette met een stuk touw. Dat stond als een vlag op een modderschuit, het ontsierde de zorgvuldig aangebrachte kerstversiering totaal. Nu kijk ik liefdevol terug op die periodes. Dat is wat tijd doet, het haalt de scherpe randjes van onze herinneringen af.

Tijdens het ophalen van deze herinneringen zocht ik op YouTube naar De Leidse Sleuteltjes. In het keurige Nederlands van de jaren vijftig zongen ze me toe: Gloria In Excelsis Deo. Ik neuriede zachtjes mee en dacht aan komende kerst. Zal het gezellig worden? Ik neem aan van wel. Mocht het onverhoopt tegenvallen, dan weet ik, over enkele jaren zal ik ook op deze feestdagen terugkijken door een roze bril.

© Sophie Dijkgraaff

Wij maken op deze website gebruik van cookies. Een cookie is een eenvoudig klein bestandje dat met pagina’s van deze website wordt meegestuurd en door uw browser op uw harde schrijf van uw computer wordt opgeslagen.